Oktober 2022 – Rondreis door Mexico

Na ruim vier maanden zijn we weer terug in Mexico. Hoogtepunten tijdens ons verblijf in Nederland waren natuurlijk de komst van twee nieuwe kleinkinderen: Lena van Wouter en Lynn en Sven van Wanda en Jesse, twee gezonde baby’s!
Ook is Marja met Lisa met de Oban van Kiel naar Stockholm gezeild.
Naast veel met de familie te hebben doorgebracht hebben we ongelofelijk veel bezoeken afgelegd en bezoek ontvangen.

Vanaf Rotterdam zijn we naar London City gevlogen. Vier uur hadden we de tijd om met de metro naar Heathrow te reizen om aldaar weer in te checken. Tijd genoeg maar het blijft spannend.
Door het grote tijdverschil kwamen we nog de zelfde avond in Mexico City aan.
Ondanks de toch wel vermoeiende reis en jetlag hebben we de volgende dag al Teotihuacán bezocht, even buiten Mexico City. De reusachtige piramide van de Zon en de wat kleinere piramide van de Maan domineren de voormalige stad.

Teotihuacán
Pyramide van de zon
Capilla del Cerrito, een heuvel in Mexico stad vol kerken
De kerkgangers in traditionele kleding. De muziek was Keltisch. In Noord Spanje hebben we dit ook gezien en gehoord

Na nog twee dagen door de City geslenterd te hebben zijn we met de bus naar Puebla de Zaragoza gegaan. Het duurde lang voordat we de agglomeratie van Mexico Stad met zijn 23 miljoen inwoners uit waren maar de tocht erna voerde ons door een prachtig vrijwel onbewoond berglandschap.
Puebla de Zaragoza is een stad die onterecht vaak door reizigers wordt overgeslagen. De stad ligt verscholen in de Ceutlaxcoapan-vallei en wordt omringt door hoge bergen en vulkanen.
We hebben er Pyramide van Cholua bezocht. Het is de grootste piramide in volume ter wereld en is pas ontdekt tijdens de bouw van een kerk er boven op. Helaas was de tunnel die de piramide ingaat gesloten.

De bibliotheek van Puebla
Koepel van Capilla del Rosario

Hier worden met de hand schalen, vazen en tegeltjes beschilderd
Onder de stad bevinden zich meerdere tunnels, vroeger gebruikt om aanvallers te misleiden
De Pyramide van Cholua
met de kerk er boven op

Een 350 km, lange bustocht bracht ons naar Oaxaca. Deze stad scoort hoger op de meeste verlanglijstjes. Er staan vele monumentale gebouwen en bijna even veel kerken. In de talrijke restaurantjes kan heerlijk worden gegeten.
Op het centrale plein van de stad is vooral ’s avonds veel te beleven. Er wordt muziek gemaakt, gedanst, gehandeld, geacteerd….. Een clown waarom honderden toeschouwers stonden kreeg ons in de gaten. Veel verstonden we niet maar een deel van zijn grappen ging over ons, dit tot groot vermaak van de omstanders.

Oaxaca

Op het vliegveld hadden we een auto huurauto gereserveerd maar daar aangekomen bleek de verhuurder zich in de stad te bevinden. 25 Euro aan taxigeld armer en na het invullen van veel papieren plus nog een extra betaling kregen we de auto mee.
Hierve el Aqua, ofwel de bevroren waterval was onze eerste bestemming. Het 25 graden warme water uit de bron bevat zoveel kalk dat dit zich aan de rotsen hecht. We hebben er een wandeling gemaakt en gezwommen.

De Bron
Teotitlán de Valle, in dit dorpje hebben we de eerste nacht van onze autorondreis doorgebracht
Een hond waakt over een muurschildering in Teotitlán de Valle

Na een lange autotocht over een onverharde weg omhoog moesten we bij het dorpje Benito Juarez rechtsomkeer maken. Het dorp wordt door de bewoners nog steeds afgesloten, bang het virus binnen te krijgen.
Een tweede poging de Tetitian vallei binnen te komen lukte wel. In het op 3200 meter hoog gelegen dorp Cuajimolyas waren we wel welkom. We hadden er een blokhut gereserveerd. Omdat het best wel koud was op deze hoogte hadden we hout voor de kachel besteld. Dit zou om 7 uur bezorgd worden. Over negenen, nadat we al uren tevergeefs de vlam in gesprokkelde dennenappels hadden geprobeerd te krijgen en we besloten hadden maar naar bed te gaan, werd er op de deur geklopt. Een grote hoeveelheid hout werd afgeleverd. Tot diep in de nacht heeft het vuur ons verwarmd.

Na een mooie wandeling zijn we de volgende dag terug naar Oaxaca afgedaald

Wandeling in de omgeving van San Antonio Cuajimoloyas
San Antonio Cuajimoloyas op de achtergrond
Naast de kerk staat de Arbol del Tule, een boom met een stamomtrek van ruim 36 meter (langs de weg terug naar Oaxaca)

De autoverhuurder had aangeboden ons de ochtend erop naar het vliegveld te brengen. Om half 6 hadden we afgesproken maar om 6 uur was er nog niemand. Een werknemer van een er zich tegenover bevindend hotel heeft de man tenslotte uit zijn bed gebeld. Na wat op en neer gepraat mochten we de auto op het vliegveld achterlaten.
Drie vluchten op één dag brachten ons naar Los Mochis, 1500 kilometer in de richting van de boot.
We bevonden ons voor het eerst sinds onze aankomst in Mexico op zeeniveau. Dat was qua temperatuur goed te merken.
In Los Mochis begint de Chepe expres. Dit is een spoorlijn door de Copper Canyon, een canyon waarvan wordt beweerd dat deze nog groter is dan de Gand Canyon in de VS.
Om kosten te besparen, en omdat het eerste deel van het traject niet heel bijzonder is, hebben we de bus naar El Fuerte genomen. Op een fort na is er in dit overigens niet onaardige stadje niet veel te beleven. Met Holly en Ashly, een Engels stel, hebben we nog getracht de Hill of the Masks te bezoeken. Al onze pogingen om deze rotstekeningen uit de oudheid te bekijken strandden op prikkeldraad.
Vroeg in de ochtend vertrokken we naar het station even buiten de stad. Volgens de informatie op internet moest het mogelijk zijn tickets in de trein te kopen. De trein die op tijd kwam binnenrollen verliet vervolgens het perron zonder ons aan boord, de trein bleek vol. Een uurtje later stonden we weer met ons vieren voor de deur van het hotelletje.
Met veel moeite is het uiteindelijk gelukt om online tickets te kopen voor de trein de volgende dag.

El Fuerte
El Chepe

De reis is zondermeer indrukwekkend. De trein worstelt zich honderden kilometers langs afgronden, door tunnels en over viaducten het ravijn door.

Het spoor slingert omhoog
De Copper Canyon

In Bahuichivo stapten we samen met Holly en Ashley uit de trein. De overige toeristen bleven achter. We hadden een hotel geboekt in het dorpje Ulrique op de bodem van de Canyon. De hoteleigenaar had de buschauffeur gevraagd ons bij het stationnetje op te pikken. Eerst een schoolbus en daarna een minibusje brachten ons over zeer avontuurlijke wegen naar beneden, een tocht van 50 kilometer.
De bestemming was verrassend, een hotel met ruime kamers en zwembad, de meest luxe tot dan toe.
In de canyon konden we maar twee kanten op, het hotel uit naar rechts en de andere kant uit naar naar links. Beide wandelingen hebben we gemaakt.
Ulrique is een niet geheel veilig dorp. De drugscartels hebben er een flinke vinger in de pap. De lokale bevolking ondervindt daar behoorlijk last van. In droge seizoenen wordt het schaarse water door de mafia heren opgeëist om er hun plantages mee te bevloeien.

Eindpunt wandeling naar rechts
Eindpunt wandeling naar links

De mini en de schoolbus brachten ons na twee dagen weer naar boven om daar de treinreis naar Creel te vervolgen. Holly en Ashley, die de dagen in een ander dorp hadden doorgebracht, zaten ook weer in de trein.

We waren weer hoog in de bergen wat goed te merken was. ’s Morgens zat er zelfs ijs op de voorruiten van de auto’s. Een tocht met een kabelbaan over de canyon viel wat tegen maar misschien zijn wij inmiddels wel wat te veel verwend.

Met de veel goedkopere lokale trein zijn we naar Los Mochis teruggereist om vandaar uit de volgende dag met de bus naar de boot te gaan, een reis van zo’n 370 km.

                                         Op de stations worden etenswaren aangeboden


Er zijn meerdere busstations in Los Mochis en na het raadplegen van het internet dachten we de goede gevonden te hebben. Helaas, dit bleek niet het geval. Ook bij een busticket verkooppunt kregen we nul op rekest. Op een derde plek zou pas rond het middaguur een bus naar Guaymas vertrekken maar dan zouden we in donker bij de boot aankomen.
Ik had het al opgegeven, dan maar een extra overnachting in Guaymas, maar Marja wilde het blijven proberen. Op weg naar een vierde mogelijkheid vroegen we een chauffeur van een langs de kant van de weg geparkeerde bus of hij wist waar we moesten zijn. Na enig heen en weer gepraat bood hij aan om ons naar een busstation te brengen. We mochten plaatsnemen in de halfvolle bus. Na een rit van 240 kilometer, in de richting van ons doel, werden we zonder dat we er voor mochten betalen bij een halte afgezet vanwaar we met een lokale bus naar een busstation konden gaan.

De stad Obregon, waar we waren afgezet, wordt weldegelijk aangedaan door de busmaatschappijen die wij die ochtend in Los Mochis hadden bezocht. Waarom in geen der hoofden der beambten opkwam om ons een bus naar deze stad aan te bieden in mij een raadsel. Van hieruit rijden namelijk vele bussen naar Guaymas.

Halverwege de middag, na eerst boodschappen gedaan te hebben, kwamen we per taxi bij de boot aan. Onder een dikke laag stof stond zij op ons te wachten. Ook naar binnen bleek het stof zijn weg gevonden te hebben, mede doordat we een raam vergeten waren te sluiten. We hadden haar in mei achter gelaten op een zgn. “lang parkeren” terrein en was net voor onze aankomst verplaatst naar een plek waar gewerkt en gewoond mag worden.
Op een defecte drinkwaterpomp na bleek de boot in goede conditie te zijn.
Direct zijn we aan een flinke schoonmaakbeurt begonnen waardoor ze na enige uren weer enigszins bewoonbaar was.
Een flinke klussenlijst staat ons nu te wachten voordat de Dina Helena weer te water gelaten wordt.

De Dina Helena inmiddels gepoetst en van een nieuwe antifouling voorzien

8 reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *